MIRT-onderzoek A67

Werkgebieden:

Mobiliteit

MIRT-onderzoek A67

Opdrachtgever

Ministerie van Infrastructuur en Milieu

 

Periode

2010-heden

 

Het project

Het MIRT-onderzoek A67 komt voort uit de daarvoor doorlopen initiatieffase (ook ondersteund door Infram). Op basis daarvan is het besluit genomen niet over te gaan tot de verkenningsfase, omdat de urgentie van de problematiek op de A67 niet voldoende kan worden onderbouwd. In plaats daarvan is besloten om een MIRT-onderzoek te starten en een pakket van zogenaamde ‘no-regret’ maatregelen op te stellen.

 

De bedoeling van het MIRT-onderzoek is om antwoord te krijgen op openstaande vragen (lacunes in het initiatiefdocument), te weten: (i) het verkeerskundig functioneren van de A67; (ii) de ontwikkeling en invloed van het vrachtverkeer op de doorstroming en (iii) de onderhoudstoestand van de weg en de kunstwerken.

 

Aanpak/uitvoering (onderscheidende rol Infram)

Infram heeft de procesbegeleiding van het MIRT-onderzoek voor haar rekening genomen. Infram heeft een plan van aanpak opgesteld, uitvragen voor de diverse deelonderzoeken opgesteld, de verschillende opdrachtnemers uitgestuurd en de kwaliteitsborging van de onderzoeken georganiseerd. Voorts heeft Infram verschillende sessies in het kader van maatschappelijke participatie en ambtelijke aanhaking gefaciliteerd.

 

Daarbij is van de volgende visie gebruik gemaakt. Stap voor stap opereren en voortdurend met de betrokken actoren in gesprek blijven om de resultaten van de afgelopen stap te bespreken en de implicaties voor de volgende stap te identificeren. Daarbij moet het probleem breed benaderd blijven zodat oplossingen over het gehele scala van de ladder van Verdaas gevonden kunnen worden.

 

Resultaat

Het beoogde resultaat is een integraal onderzoeksrapport, waarmee duidelijk moet worden of een verkenning alsnog noodzakelijk is en zo ja, wanneer de verkenning zou moeten starten. Daarbij zal dan ook worden aangegeven welke kansrijke oplossingen in de eventuele verkenning meegenomen moeten worden. Ook zouden de uitkomsten van het MIRT-onderzoek aanleiding kunnen zijn voor het voorstellen van een aantal aanvullende no-regretmaatregelen. De besluitvorming over het MIRT-onderzoek is voorzien voor het Bestuurlijk Overleg MIRT in het voorjaar van 2011.